woensdag 22 februari 2017

Rachid Benzine - Nour, waarom zag ik het niet aankomen?

Op een dag is ze weg, haar vader onwetend en radeloos achterlatend. Na enkele weken ontvangt hij een brief: ze is vertrokken naar Irak om te trouwen met een krijgsheer van IS. Ze legt hem uit dat ze zijn verdriet en onbegrip begrijpt, maar dat haar overtuigingen voortkomen uit de waarden die hij haar zelf heeft bijgebracht. Dat ze er alleen op een andere manier invulling aan geeft, dan hij zou doen.

Het is het begin van een moeizame en hartverscheurende briefwisseling tussen een wanhopige vader en zijn geradicaliseerde dochter. Al is de toon soms fel, de liefde voor elkaar blijft hen verbinden. Die ligt tevens ten grondslag aan de voortdurende pogingen van beiden om de ander te overtuigen van zijn/haar gelijk. Hij probeert haar over te halen terug te keren, zij zou willen dat hij naar Irak komt.

In een kleine 120 pagina's weet Benzine alle kanten van dit schijnbaar onoplosbare probleem te belichten door middel van twee onvergetelijke hoofdpersonages, die in de beleving van hun geloof een totaal andere richting kiezen. In de brieven krijgen de argumenten van beide zijden een stem: wat is propaganda, hoe reageert de omgeving van de vader (zowel geloofsgenoten als westerlingen), waarvoor sluit zijn dochter haar ogen, welke idealen heeft ze en wat vindt ze bij haar broeders en zusters in Falluja dat ze in Europa niet vond, is haar vaders getheoretiseer belangrijker dan haar dadendrang? Maar de vraag die blijft knagen bij de wanhopige vader is: waarom zag ik het niet aankomen?

Een verhelderend boek over de verschillen tussen een liberale islam en een extremistische. Een briefroman is daar een prima medium voor. Een aangrijpend boek ook. Het is onmogelijk het tussentijds weg te leggen, zo hartverscheurend is het relaas van beiden. En dan wordt er in het verre Falluja ook nog een dochtertje geboren....

De Franse schrijver Rachid Benzine (1971) is docent, islamoloog en onderzoeker bij het fonds Paul Ricoeur. Benzine is een van de bekendste pleitbezorgers van een liberale islam. Hij tracht in zijn werk een islam uit te denken die aansluit bij onze tijdgeest.
 
Op de binnenflap valt nog te lezen:
'Een paar jaar geleden hoorde ik Rachid Benzine spreken voor een volle zaal in Brussel, voornamelijk jonge mensen die van overal kwamen. Toen al viel het me op hoe gemakkelijk hij zich tot jongeren richtte. Hij was betuttelend noch schofferend, hij sprak tot hen als de jonge, intelligente mensen die ze waren, met wie hij een paar ideeën wilde delen. Als Benzine één verdienste heeft, dan is het wel dat hij jongeren geen cadeaus doet. Ze moeten niet volgen, maar zelf zoeken en denken.'
Rachida Lamrabet.

En op die houding is ook dit verhaal gebaseerd.

Rachid Benzine - Nour, waarom zag ik het niet aankomen? Vert. uit het Frans door Katelijne de Vuijst. Kalmthout, Polis, 2017. Pb., 117 pg. isbn:978-94-6310-238-4

© Jannie Trouwborst, februari 2017.

dinsdag 21 februari 2017

Eefje Rammeloo, onze correspondent in China

Naar welk boek dat dit jaar (2017) uitkomt, kijk jij uit en waarom? vraagt Martha ons deze week in de #50books serie. Een leuke vraag, al kan ik daar maar een beperkt antwoord op geven.

Er verschijnen elk jaar zoveel nieuwe boeken, dat zelfs als je alleen maar oorspronkelijk Nederlands leest, het moeilijk is dat allemaal bij te houden. Meestal bekijk ik dan ook per kwartaal de aangekondigde boeken van enkele uitgevers waarvan ik weet dat ze boeken uitgeven waar ik van houd. Een daarvan is Cossee. Uit de voorjaarscatalogus heb ik al enkele recensieboeken mogen ontvangen. Maar er staat er nog één op mijn lijstje die in april uit gaat komen.

Ik heb het over Het geluk van de Chinezen, geschreven door Eefje Rammeloo. De ondertitel luidt: Van onze correspondent uit Shanghai. 

Ik leerde Eefje kennen via haar boek Titia, een onbezonnen reis naar het land van de vijand (KLIK HIER). Een bijzonder boek over haar grootouders. Het werd me toen ook duidelijk dat ze als correspondent in China woont. Ik keek eigenlijk zelden wie de auteur is van een krantenartikel, maar toen viel me ineens op dat artikelen over China vaak door haar geschreven zijn. Nu kijk ik steeds vaker naar de auteur, eigenlijk wel zo rechtvaardig voor de journalist in kwestie.

Maar goed, Eefje Rammeloo dus. Ondanks dat het niet altijd meevalt gebruik te maken van internetverbindingen in China post Eefje regelmatig berichten op Twitter. Het is interessant haar daar te volgen, niet alleen vanwege het Chinese nieuws en dat dan te vergelijken met de manier waarop het ons wordt voorgeschoteld of juist onthouden, maar ook om de persoonlijke belevenissen die er tussen door komen: de zwangerschapscontroles, de aanvaringen met de Nederlandse belastingdienst, haar contacten met de bevolking. Ik kan het iedereen aanraden. Door af en toe te reageren laat ik haar ook weten dat haar berichtjes hier in Nederland gewaardeerd worden. Nieuwsgierig geworden? @eefjerammeloo en je mag meelezen.

En nu komt dus in april haar boek uit over het hedendaagse China. Om jullie ook enthousiast te maken hier de aankondiging van Cossee:

Chinezen moeten dromen, riep de Chinese premier Xi Jinping in 2012. De ‘Chinese Droom’ moest een praktisch antwoord bieden op de identiteitscrisis waarin China verkeerde. Na jaren van onstuitbare economische groei moest het land zich opnieuw uitvinden, om de problemen het hoofd te bieden.

In 2016 heeft de bevolking steeds meer te besteden. De welvarende Chinezen hebben een huis, een auto en meer dan genoeg te eten. Ze ontdekken de wereld door reisjes naar Parijs, Rome en Giethoorn, wensen schone lucht en een goede opleiding voor hun kinderen. De Communistische Partij houdt het volk aan haar kant door het welvaartsniveau steeds te laten toenemen. Kritiek ontstijgt zelden het lokale niveau. Protest wordt genegeerd, en demonstraties worden in het uiterste geval neergeslagen.

In Shanghai en ver daarbuiten is het optimisme te voelen. Maar de ongelijkheid neemt toe. Stad en platteland groeien steeds verder uit elkaar. De mondaine stadsbevolking is lichtjaren verwijderd van de mijnwerkers, land- en fabrieksarbeiders. De weeffouten worden steeds zichtbaarder: de kwaliteit en bereikbaarheid van goed onderwijs, jongeren met ouderwetse denkbeelden die zich op de huwelijksmarkt presenteren, milieuvervuiling en haperende oudedagvoorzieningen.

De Chinese dromen en de alledaagse realiteit die Eefje Rammeloo schetst, geven een fascinerende inkijk in het China van vandaag en een indicatie van de richting die China op dit cruciale moment inslaat.


Daar kijk ik dus naar uit! Was het maar vast april!

© Jannie Trouwborst, februari 2017.

Ik ben heel benieuwd naar de antwoorden van anderen. Wil je ook meedoen? Iedereen is vrij om de vragen te beantwoorden zoals hij of zij wil. Laat een link naar je eigen blog achter in de reacties onder het blog van Martha (KLIK HIER) of alleen je reactie. Zo kan iedereen lezen wat jij ervan vindt.

maandag 13 februari 2017

Rosita Steenbeek - Heb uw vijanden lief

De Maand van de Spiritualiteit ligt alweer achter ons (KLIK HIER). Zoals gebruikelijk hoorde er ook een essay bij. Omdat de thema's jaarlijks verschillen en er auteurs van heel verschillende pluimage gevraagd worden om het essay te schrijven, zijn ze niet allemaal even interessant. Dit keer was de eer voor Rosita Steenbeek, met als thema: compassie. Ze heeft er een aardig boekje met herkenbare emoties en gedachten over geschreven.

"In Heb uw vijanden lief buigt Rosita Steenbeek zich over het begrip compassie. Wat betekent het? Meevoelen met een ander, ook wel mededogen genoemd, barmhartigheid. Compassie is een verbindend element in religies, het humanisme en in sommige filosofieën. Kunnen we leren om compassievol te zijn? Op welke manier speelt het een rol in ons dagelijks leven?
Op zoek naar antwoorden reisde Rosita Steenbeek naar Lampedusa, waar ze sprak met de arts die zich al 25 jaar ontfermt over vluchtelingen en immigranten, levende en dode. Ze is erbij wanneer er laat in de avond 140 mensen arriveren die zijn gered door de kustwacht en maakt een herdenking mee van 120 mensen die op 3 november 2016 zijn verdronken.
Ze verweeft het verslag van deze indrukwekkende herinneringen aan momenten in haar leven waarop compassie een belangrijke rol speelde. Pas wanneer je je werkelijk in een ander kunt verplaatsen, wordt het mogelijk mededogen te voelen. En dat is niet hetzelfde als medelijden." (Uit de inleiding van het boekje).

Op 12 februari was er op NPO2 van 11.30 tot 11.55 uur een interview met Rosita Steenbeek in Het Vermoeden. Het is HIER terug te zien.

Rosita Steenbeek - Heb uw vijanden lief. Essay behorende bij de Maand van de Spiritualiteit 2017.  CPNB, Ambo/Anthos, 2017. Pb., 64 pg. ISBN:978-90-5965-413-6

© Jannie Trouwborst, februari 2017.

vrijdag 10 februari 2017

Verfilmde boeken

"Raak jij ook zo gedesillusioneerd als je na het lezen van een boek de film kijkt?", vraagt Martha ons voor de 6de aflevering van #50books 2017. Nu heb ik daar al eens over geschreven op mijn Blog Verbeelding en historie (KLIK HIER).  Ik zal het antwoord dan ook beperkt houden.

Citaat daaruit: "Een boekverfilming is een vak apart. Wanneer is die geslaagd te noemen? Als de tekst van het boek heel nauwkeurig gevolgd is? Als de ziel van het verhaal filmisch vertaald werd? Als de sfeer of de inhoud op eigen wijze gestalte krijgt op het doek? Daarover wordt heel verschillend gedacht en natuurlijk is er ook nog zoiets als persoonlijke smaak, de interpretatie van de filmmaker en soms zelfs de nadrukkelijke bemoeienis van de schrijver.

Boven is het stil van Gerbrand Bakker is m.i. uitstekend verfilmd door Nanouk Leopold. Gerbrand Bakker had genoeg vertrouwen in haar om haar haar gang te laten gaan en met een fantastisch resultaat: een sfeervolle film waarin het verhaal opnieuw werd vormgegeven. Twee onafhankelijke kunstuitingen, die toch hetzelfde gevoel uitdrukten. Ik heb van beide evenveel genoten. Gerbrand Bakker was zeer tevreden en Nanouk Leopold werd beloond met prestigieuze filmprijzen."


Knielen op een bed violen van Jan Siebelink is de laatste film die ik zag na het boek in de loop der jaren tweemaal gelezen te hebben. Hij stelde niet teleur. Het boek gaat naar mijn idee dieper, het raakte me meer, maar in de beperkte tijdspanne die een film nu eenmaal heeft, was hij overtuigend, mede door het acteertalent van de hoofdrolspelers.

Ik had heel graag Publieke werken van Thomas Rosenboom gezien. Helaas draaide hij hier niet in de omgeving. Maar toen ik achteraf hoorde dat er aan het verhaal gesleuteld was, vroeg ik me af of ik eigenlijk wel iets gemist heb: het oorspronkelijke verhaal is voor mij perfect.

Door teleurstellingen in het verleden volsta ik vaak met óf het boek óf de film. Van Die Wand van Marlen Haushofer zag ik een indrukwekkende film, net als van De nachttrein naar Lissabon van Paul Mercier en Still Alice van Lisa Genova. Het boek ná de film lezen is blijkbaar moeilijker voor mij dan andersom: het komt er zelden nog van.

© Jannie Trouwborst, februari 2017.

Ik ben heel benieuwd naar de antwoorden van anderen. Wil je ook meedoen? Iedereen is vrij om de vragen te beantwoorden zoals hij of zij wil. Laat een link naar je eigen blog achter in de reacties onder het blog van Martha (KLIK HIER) of alleen je reactie. Zo kan iedereen lezen wat jij ervan vindt.

dinsdag 31 januari 2017

Catharina IJzelenberg - Het ruisen van de zee

In Ouwerkerk, bij het Watersnoodmuseum (KLIK HIER), staat een Monument voor de 1836 mensenlevens die de Watersnoodramp in 1953 eiste. Elk jaar houdt men hier op 1 februari een herdenkingsbijeenkomst voor de slachtoffers. Dat ook het leven van hun families voorgoed veranderde, wordt wel eens vergeten. Op 4 februari a.s. presenteert Catharina IJzelenberg haar debuut Het ruisen van de zee op deze toepasselijke plek. Ze was vier jaar toen ze zelf de Ramp meemaakte en ze weet hoe dat de rest van een leven kan bepalen. Haar roman maakt dat haarfijn en pijnlijk duidelijk.


Er zijn in de loop der tijd behoorlijk wat boeken over de Watersnoodramp verschenen. Allereerst non-fictie, waarvan het fotoboek De Ramp uit 1953 met sprekende zwart-wit beelden wel het bekendste is. Zestig jaar later gaat het vooral om de achtergronden en feiten die ondertussen boven water gekomen zijn en verschijnt De ramp: een reconstructie van de watersnood van 1953 van Kees Slager.
Aan een roman over zo'n beladen onderwerp beginnen aanvankelijk niet zo heel veel schrijvers: Jan den Hartog - De kleine ark in 1953 en Arie van de Lugt - God schudde de wateren in 1958 zijn de eersten. Pas in 1993 schrijft Gerda van Wageningen Toen de dijken braken. Na 2000 was het blijkbaar lang genoeg geleden om de Ramp volop in romans een rol toe te kunnen bedelen. Margriet de Moor - De verdronkene (2005) en Rik Launspach - 1953 (2009) gaven daar bijvoorbeeld elk op een totaal andere manier invulling aan. 

En nu is er dus Het ruisen van de zee van Catharina IJzelenberg. Voor mij op dit moment de meest complete roman met de Ramp als basis. De titel van het debuut is veelzeggend: het ruisen van de zee is altijd aanwezig in het leven van de hoofdpersoon. Het kleurt zijn herinneringen, roept ze op als hij langs de vloedlijn wandelt en het ruist in de schelpen die hij vindt op het strand. Maar het gaat nog dieper: zijn levenswandel wordt op een onbewust niveau bepaald door het eeuwige ruisen van de onvoorspelbare zee op de achtergrond.

Hoofdpersoon van het boek is Anton Reinier, een vrijgezelle leraar Nederlands van 55 jaar, die op 10 jarige leeftijd zijn vader zag verdrinken tijdens de rampnacht. Hij groeit als enig kind op bij zijn streng gereformeerde moeder. Geheel naar de tijdgeest van die jaren en door de onmacht om met emoties om te gaan, spreken ze niet meer over het verlies. De twee hebben een hechte band, maar Anton voelt toch de behoefte te vechten voor een eigen identiteit. Hij vertrekt naar de stad om er te studeren. Als ook zijn moeder overlijdt, gaat Anton in het ouderlijk huis in Nieuwerkerk wonen en wordt leraar in Zierikzee. Hij is niet ongelukkig, Zijn leven kabbelt voorspelbaar voort, totdat een nieuwe leerling (Claudia) voor hem staat en herinneringen aan zijn vader hem overspoelen. Hij herbeleeft het fatale moment waarop hij hem zag verdrinken. Anton beseft dat hij zijn emoties al die tijd heeft weggedrukt. En hij vraagt zich af of Claudia hem wellicht kan helpen om zijn trauma te verwerken.

Het heden en de herinneringen wisselen elkaar af in losse hoofdstukken. Daarbinnen wordt de chronologie aangehouden, zodat de beide verhaallijnen uiteindelijk heel vanzelfsprekend bij elkaar komen. De spanning in het verhaal wordt gedragen door de hoofdstukken in het heden: hoe ontwikkelt zich de verhouding met Claudia, wat brengt zij bij hem naar boven? Hij herkent haar behoefte haar eigen beslissingen te nemen. Kan hij haar daarbij helpen?
Op bepaalde punten is haar levensloop een spiegeling van de zijne. Het verhaal over het verleden beschrijft naast het trauma van de Ramp ook een coming-of-age proces. Niet alleen moet hij zich proberen los te maken van de (logischerwijs) zeer hechte band met zijn moeder. Hij worstelt tegelijkertijd met het geloof. Heel subtiel en nergens provocerend weeft Catharina IJzelenberg zijn uiteindelijke afwijzing van het geloof van zijn moeder door het verhaal: een voor beiden pijnlijk proces.
Misschien is daar nu eindelijk de tijd rijp voor: de terechtwijzingen naar de overlevenden vanaf de kansel kort na de Ramp ('eigen schuld door zondig gedrag') hebben niet bijgedragen aan de verwerking van deze diep tragische gebeurtenis. In dit boek maakt het verwerpen daarvan een belangrijk, maar onnadrukkelijk deel uit van het verhaal over Antons worsteling om zijn eigen weg te kiezen.


Het water, de storm, de stilte
Deze roman is voor mij compleet omdat, naast de historische feiten, vooral de gevolgen voor de mensen die het meemaakten volledig tot hun recht komen. In een interview vertelt de auteur dat ze geput heeft uit haar eigen herinneringen en daar een fantasievolle draai aan heeft gegeven. Ook zij verloor haar geloof en maakte mee hoe de Ramp voor haar ouders en grootouders een heel leven meeging. Haar hoofdpersoon moest echter een man zijn, want anders kwam het allemaal te dichtbij. `Ik heb het verdriet van toen gestalte willen geven`. En dat heeft ze in deze goed geschreven roman uitstekend gedaan. Ingetogen en integer, realistisch maar ook fantasierijk, empatisch zonder een spoortje sentimentaliteit. Een heel knap debuut!

`Stil stond ze naast hem. Haar oogjes schitterden als de zon op het water bij prachtig zomerweer. Hun haren wapperden in de wind. Kalm stroomden de golven over het strand. Het was eb. De zee had zich teruggetrokken.`

Catharina IJzelenberg / Het ruisen van de zee. Amsterdam, Ambo-Anthos, 2017. Pb., 269 pg. ISBN: 978-90-263-3620-1.

© Jannie Trouwborst, januari 2017.

zondag 29 januari 2017

Humor in gedichten

Jules Deelder heeft de Gedichtendaggeschenkbundel van dit jaar mogen schrijven. Vanzelfsprekend eigenlijk, want het thema is humor. Rotterdamse humor, naar mijn idee. Doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg. En zijn genoeg "gewone" dingen waar je met humor je kanttekeningen bij kunt zetten.

In vraag 5 uit de serie #50books vraagt Martha ons: Welk gedicht vind je het grappigste dat je ooit hebt gelezen?
 

Ik vraag me af of er nog veel dichters over zijn die het genre light verse of plezierdicht beoefenen. In het verleden wijdde ik een blog aan een bundel van Alexander Pola (een van de medewerkers aan het TV-programma Farce Majeur). In de inleiding daarbij staat achtergrondinformatie over het genre (KLIK HIER).
Een citaat daaruit: Het lichte vers kende in de jaren zeventig en tachtig een grote bloei, met vooraanstaande dichters als Kees Stip, Drs. P, Annie M.G.Schmidt, Driek van Wissen en Ivo de Wijs. (Bron: Meander). Nu resten ons alleen nog Ivo de Wijs en natuurlijk Jules Deelder. Elk met een eigen stijl. Of vergeet ik er een paar?

Voor mij was Drs.P toch wel de favoriet. Het feit dat een plezierdicht nu eenmaal moest rijmen, zorgde nog wel eens voor wat verwrongen teksten. Maar niet bij Drs.P. Die kon spelen met taal als geen ander. Het grappigst vind ik zijn gedicht waarin alles wat rijmen moest, juist vervangen was door een synoniem dat nìet rijmde. Helaas kan ik het niet meer vinden, het zou bovendien te lang zijn om hier te citeren. Maar wie voor mij de titel heeft: ik zou het op prijs stellen als je die hieronder meldt!

Maar omdat het ook tuinvogeltelweekend is, heb ik maar gekozen voor een korter versje van Alexander Pola over Pimpelmezen:

Pimpelmees

Een pimpelmees sprak: "Pimpelen
Doet mensen vaak versimpelen,
Hetgeen, als ik mij niet vergis,
Des mensen geest onwaardig is.
Bij pimpelmezen echter hoort 
Het pimpelen tot 't behoud der soort.
Wij zouden zonder gin of wijn
Gewoon maar simpel mezen zijn.

(Uit: Alexander Pola - Schrijfkramp).

Niet zo hilarisch, maar wel aardig, toch? (Met een knipoog naar de pimpelende gasten van Eva Jinek).

© Jannie Trouwborst, januari 2017. 

Ik ben heel benieuwd naar de antwoorden van anderen. Wil je ook meedoen? Iedereen is vrij om de vragen te beantwoorden zoals hij of zij wil. Laat een link naar je eigen blog achter in de reacties onder het blog van Martha (KLIK HIER) of alleen je reactie. Zo kan iedereen lezen wat jij ervan vindt.

vrijdag 27 januari 2017

De droom van Christoffel - Ilona Plichart en Jimmy Kets

Salwa is een jonge vrouw. Ze houdt van letters en mooie krullen. Ze wil de wereld wat mooier maken. Ook Christoffel Plantin, de bekende drukker en uitgever had een droom. Salwa bezoekt het huis van Christoffel. Dit is een boek over grote dromen en hoe je die een beetje kan waarmaken. (Achterflap).

Aan de basis van het Nederlandse schrijverschap van Kader Abdolah liggen de boekjes over Jip en Janneke van Annie M.G. Schmidt, vertelt hij ons geregeld. Maar vluchtelingen die de taal van hun nieuwe land willen leren zijn van alle tijden en aanvankelijk hebben ze allemaal behoefte aan boeken met heldere taal in korte zinnen. Dat heeft Ilona Plichart goed begrepen. Samen met fotograaf Jimmy Kets heeft ze voor een aantrekkelijk, gemakkelijk leesbaar boek gezorgd met een toepasselijke inhoud. Voor alle startende lezers, zowel jong als oud!

De droom van Christoffel is een gezamenlijke uitgave van Uitgeverij Vrijdag en Museum Plantin-Moretus in Antwerpen. Het boekje gaat over twee helden. Eerst komt Christoffel Plantin aan het woord, die 400 jaar geleden, zoals velen, als vluchteling naar Antwerpen kwam. Hij heeft een droom: via boeken kennis verspreiden, want boeken maken mensen vrij.

"Ik ben nieuw in Antwerpen. Elke dag voel ik mij hier meer huis. Ik spreek goed Frans. Nederlands blijft moeilijk. Ik hou zoveel van woorden. Met woorden bouw ik hier een nieuw leven. Een nieuw leven met boeken".

Naast elke tekstpagina staat een kleurige en toepasselijke fotopagina. Zo ontvouwt de geschiedenis van Christoffel Plantin en zijn drukkerij en uitgeverij zich in heldere taal en mooie beelden.

Het tweede deel gaat over Salwa. Ook zij komt van elders en heeft een droom. Ze houdt van letters en zou daar iets kunstzinnig mee willen gaan doen. "Een leuke hobby", zegt haar omgeving. Dan bezoekt zij het Museum Plantin-Moretus en voor haar is Christoffel een held. Hij inspireert haar om meer te doen met haar liefde voor letters. En nu schildert ze in opdracht overal haar sierlijke letters.

Het is de combinatie van thema's die dit boekje bijzonder maakt. Het gaat niet alleen om de geschiedenis van de boekdrukker en uitgever Christoffel Plantin, maar ook over de rol die letters, woorden en taal spelen: voor vluchtelingen om zich thuis te voelen in een nieuw land en in boeken om kennis te vergaren en te verspreiden. En tenslotte dat het altijd zin heeft om te proberen je droom te verwezenlijken.

De laatste pagina van dit mooie boekje gaat over een bezoek aan het Museum Plantin-Moretus in Antwerpen, wat er zoal te zien is en hoe je eventueel lesmaterialen voor je school kunt bestellen.

Ilona Plichart (tekst) en Jimmy Kets (foto's) - De droom van Christoffel. Antwerpen, Uitgeverij Vrijdag, 2016. Pb., 56 pg., met kleurenfoto's. ISBN: 978-94-60015182.

© Jannie Trouwborst, januari 2017.