zondag 10 september 2017

Philippe Claudel - Het kleine meisje van meneer Linh

In 2014 stelde Literasa voor van de maand september de Maand van het Franse boek te maken (KLIK HIER). Ik vond het leuk om mee te doen, maar dan wel in vertaling. Het werd Grijze zielen van Philippe Claudel. In de jaren daarna deed ik ook mee, soms met wat vertraging. En ik las meer van Claudel. Vorig jaar was dat Het verslag van Brodeck. Ik was er erg van onder de indruk (KLIK HIER).

Dit jaar zag ik geen oproep verschijnen. Maar toen ik hier op mijn vakantieadres een Claudel in de boekenkast zag staan die ik allang eens had willen lezen, besloot ik dat ook dit jaar september weer de Maand van het Franse boek werd en ben ik vol verwachting begonnen aan Het kleine meisje van meneer Linh.

Alles is meneer Linh kwijt, als hij besluit zijn land te verlaten. Zijn dorp is verwoest door oorlog, zijn vrienden zijn gedood door bombardementen. Ook zijn zoon en schoondochter overleefden de aanvallen niet, toen zij, met hun pasgeboren dochtertje, op het land aan het werk waren. In zijn koffertje neemt hij een foto, wat kleren en een linnen zakje met aarde van zijn geboortegrond mee. En natuurlijk zijn kleine meisje, zijn alles. Op de boot ziet hij vol verdriet zijn land langzaam in de verte verdwijnen.

Claudel vertelt ons niet waar meneer Linh woonde (een Aziatisch land vermoedelijk) en ook niet waar hij heen ging (Frankrijk waarschijnlijk). Dat is ook van geen enkel belang. Het verhaal is tijdloos, zou vandaag geschreven kunnen zijn. Vluchtelingen zijn van alle tijden. De gevoelens van heimwee en verlangen naar vroeger, toen alles nog goed was, zijn ook hen bekend. En de problemen die hij ondervindt in het land van opvang zijn identiek.

Meneer Linh komt in een ander, kouder klimaat terecht. Hij verstaat de taal niet, begrijpt niet goed wat er precies van hem verwacht wordt en hoe zijn toekomst eruit zal zien. Maar hij besluit dat, hoe moeilijk of het ook zal zijn, hij sterk zal blijven voor zijn kleine meisje. Zijn landgenoten in de opvang laten hem links liggen. Gelukkig kan hij af en toe spreken in zijn eigen taal met een meisje dat zijn taal spreekt en als tolk optreedt. Ze raadt hem aan af en toe eens naar buiten te gaan.

Als hij dat uiteindelijk durft, ontmoet hij op een bankje bij het park een man van zijn leeftijd, meneer Bark. Zonder dat ze elkaar kunnen verstaan, bouwen ze een vriendschap op. Ook meneer Bark heeft een verlies geleden: zijn vrouw is pas overleden en hij is kinderloos. Ze steunen elkaar in deze moeilijke periode, zonder iets van de ander te weten. Elke dag zoeken ze elkaar op en de vriendschap wordt steeds sterker. Maar dan slaat het noodlot toe: het opvangcentrum zal gesloten worden en Meneer Linh moet met zijn kleine meisje naar een ander woonoord. Radeloos is hij. Zal hij zijn vriend ooit nog terugvinden?

Wat begint als een melancholisch, verdrietig verhaal, verandert langzamerhand in een aangrijpende en ontroerende geschiedenis die tot de laatste bladzijde de spanning erin houdt, om dan te eindigen met een slotakkoord dat ik niet aan zag komen. De structuur zit goed in elkaar, waardoor je als lezer weet wat er omgaat in Meneer Linh èn wat de zorgen zijn van Meneer Bark. En hoe ze over elkaar denken, ondanks het communicatieprobleem. De vertelstijl is beeldend en boeiend. Als lezer word je heen en weer geslingerd tussen de dromen en herinneringen van Meneer Linh en de harde realiteit die hem omringt, maar die hem vaak ontgaat. 

Deze novelle heeft me geraakt en zal me nog lang bij blijven. Al lees ik in principe alleen Nederlandse literatuur, voor Claudel wil ik graag nog eens een uitzondering maken.

Philippe Claudel - Het kleine meisje van Meneer Linh. Vert. uit het Frans door Manik Sarkar. Amsterdam, Bezige Bij, 2008. Pb. 142 pg., isbn: 978-90-234-2858-9.

© Jannie Trouwborst, september 2017.

woensdag 6 september 2017

Wat ik deze zomer las

Soms zit het allemaal even niet mee in het leven en dan is bloggen over boeken niet het eerste waar je je mee bezig houdt. Ik zag net dat het al zeker 6 weken geleden is dat ik een recensie schreef. Aan #50books heb ik nog wel een paar keer meegedaan, om hier niet helemaal afwezig te blijven. Maar toen ik het gevoel kreeg dat de aard van de vragen er op gericht was zoveel mogelijk links naar Bol.com te kunnen plaatsten met behulp van mijn antwoorden, heb ik die de laatste tijd ook maar even voorbij laten gaan. Toch is het zo langzamerhand tijd weer eens iets van me te laten horen op dit blog. Want gelezen heb ik natuurlijk wel ondertussen. Misschien leuk om in elk geval te weten wat er nog in de pijplijn zit.

1. Tom Parks - De roman als overlevingsstrategie.
Parks is ervan overtuigd dat de inhoud, de stijl, het soort verhaal én de manier van vertellen samen de overlevingsstrategie vormen die de auteur ontwikkelt als reactie op spanningen in zijn of haar persoonlijke leven. De lezer reageert tijdens het lezen van een roman op vergelijkbare wijze als tijdens een persoonlijke ontmoeting – hij probeert de auteur te doorgronden. De roman als overlevingsstrategie is een biografie van het schrijven zelf. 
Een boek naar mijn hart. Eindelijk iemand met dezelfde denkbeelden over de verhouding tussen lezer en schrijver als ik. Maar een recensie erover schrijven is niet eenvoudig. Toch moet die er in elk geval nog komen.

2. Bregje Hofstede - De herontdekking van het lichaam; over de burn-out. 
In De herontdekking van het lichaam gaat Bregje Hofstede op zoek naar een antwoord op de vraag waarom zij zich vervreemd voelt van haar lichaam. Hoe heeft de breuk tussen lichaam en geest kunnen ontstaan? Hoe speelde die mee in de burn-out die ze op haar vierentwintigste kreeg? Hoe kun je schrijven met je lijf? Hofstede vertelt hoe ze in een burn-out terechtkwam en zich er langzaam aan ontworstelde, en gaat op zoek naar de filosofische en maatschappelijke context van die ervaring. Het resultaat is een doorleefd relaas over de gezondheidsrage die niet over welzijn gaat, maar over presteren; over het filosofische ideaal van zelfkennis en waarom dat zo zelden op het lichaam werd toegepast; en wat er gebeurt als je dat toch doet. 
Hoewel een interessant boek, zal ik er geen recensie over schrijven.

3. Het suikervogeltje - Pauline Vijverberg.
Het suikervogeltje' is een historische roman, gebaseerd op het leven van weesmeisjes die in de zeventiende eeuw naar Zuid-Afrika emigreren. Het is 1688. De bestemming is Kaap de Goede Hoop. Er is een tekort aan Hollandse vrouwen. Het weesmeisje Ariaan, avontuurlijk, dromerig en oprecht, vaart met haar zusje Willemijn en zes anderen op uitnodiging van de VOC naar een onbekend continent als "bruid op bestelling". Deze roman gaat over de band tussen de twee zusjes. Het gaat over hoop en de hang naar avontuur, over schuldgevoel en verraad, maar bovenal gaat het over loyaliteit en liefde. De geschiedenis van Zuid-Afrika in de periode 1687-1701, tijdens het bestuur van vader en zoon Van der Stel, vormt de achtergrond van het verhaal. 
Ook hier zal geen recensie over verschijnen. Ik weet zeker dat het voor velen een mooie roman zal zijn om te lezen. Maar ik heb hem niet uitgelezen. Er valt veel uit te leren over de beschreven periode, maar voor mij was het allemaal wat te uitleggerig. Misschien omdat veel ervan mij al bekend was. Er waren meer bezwaren, maar ik wil het hier bij laten om anderen niet te ontmoedigen. Gewoon proberen!

4. Corine Kisling - De engelenbak.
'Ouderdom is als de pest,' zegt meneer Cirkel. 'Contact met de buitenwereld moet vermeden worden, want de ziekte is besmetelijk en er is geen remedie voorradig. Het wachten is op de redding, het serum. En ieder vult dat wachten en dat serum op zijn eigen manier in.' Voor Jana Kardoen, tweeënnegentig jaar, betekent wachten niet stilzitten. Vanaf de dag dat ze als veertienjarig meisje bij de Hama's in dienst kwam heeft die familie haar leven bepaald en is haar eigen verhaal naar de achtergrond gedrongen. Nu, bijna tachtig jaar later vullen de Hama's nog steeds haar leven en duiken ze op in elke herinnering: flashbacks, die door een foto, een woord, een geur kunnen worden opgeroepen en niet altijd even welkom zijn. Voor Boris Stam, achterkleinzoon van Huibert Hama, lijken 'Het Tolhuis' en de fancy-fair die er georganiseerd gaat worden zeer geschikt voor de videofilm die hij wil maken over Mens en Maatschappij. Maar hij en zijn vrienden hebben zo hun eigen ideeën omtrent wachten en weergave van de harde realiteit, waardoor het vrolijk bedoelde feest een grimmig einde vindt: in de dood. een sterfgeval waarvan Jana Kardoen het hare denkt.
Een prachtig verhaal, waar zeker nog een recensie over zal komen.

5. De Koloniën van Weldadigheid: een uitzonderlijk experiment.
Een samenvatting van het rapport dat ingeleverd is bij de Unesco om hopelijk in het voorjaar van 2018 in aanmerking te komen voor de titel: Werelderfgoed. Prachtig uitgevoerd, met veel foto's en een hele goede samenvatting van de geschiedenis èn toekomst van het erfgoed van de koloniedorpen in Nederland en Vlaanderen. Als je je afvraagt waar dit over gaat": ik schreef er al eerder een artikel over bij drie boeken over het onderwerp van Wil Schackmann. KLIK HIER Maar er komt zeker nog een recensie van.

6. Philippe Claudel - Het kleine meisje van meneer Linh. 
Diep getroffen heeft dit ontroerende verhaal me. En wat een mooie vertelstijl! Voor de meesten waarschijnlijk al wel een bekend boek. Ik zal er t.z.t. mijn recensie bij voegen.

Komende week zal ik proberen vanuit mijn vakantieadres aan de roman van Sanneke van Hassel te komen: Stille grond. Ik was al eerder onder de indruk van haar korte verhalen. Het interview afgelopen zondag bij VPRO boeken gaf de doorslag: die ga ik kopen. In een ECHTE boekwinkel.

Ik hoop dat iedereen die zich afvroeg waar de recensies bleven een beetje gerustgesteld is: ze komen er aan. Even geduld nog.

© Jannie Trouwborst, september 2017.